Vier regels lees je voor in vijftien seconden, en toch hoort de ontvanger er zijn eigen gewoonte in. Handig voor wie vanavond geen twaalf regels meer bij elkaar krijgt, of voor een pakje dat naast een groter verhaal ligt. Hieronder staan zes korte sinterklaasgedichten voor zes mensen, plus de formule waarmee je er zelf meer schrijft.
Zes korte gedichten, elk vier regels
Voor mama, die haar koffie nooit warm opdrinkt:
Mama zet om zeven uur haar koffie klaar,
om tien uur staat hij koud op het aanrecht, nog daar.
Daarom brengt Sint een beker met een deksel erop:
nu is ook de laatste slok nog warm in je kop.
Voor: mama · Cadeau: thermosbeker · Toon: lief
Voor papa, die alles “dit weekend” doet:
“Dat doe ik dit weekend,” zegt papa over de kraan,
maar die druppelt al drie maanden, en er is niets gedaan.
Sint geeft hem een tang, een sleutel en een leertje erbij:
zaterdag om negen uur begint de klus, en dan kijken wij.
Voor: papa · Cadeau: gereedschap · Toon: plagerig, zonder verwijt
Voor de kleinste van de familie:
Jij bent de kleinste, maar Sint vergeet je niet:
jouw naam staat bovenaan in zijn boek, zegt Piet.
Dus jij krijgt vanavond als eerste een pakje uit de zak,
dat bracht Ozosnel vannacht zelf over het dak.
Voor: jongste kind · Cadeau: iets kleins · Toon: blij
Voor de juf of meester die altijd net niet uitleest:
Juf leest elke middag voor, en op het mooiste stuk gaat de bel,
dan roept de hele klas: “Nee! Hoe loopt het af? Vertel!”
Sint geeft haar een boek met verhalen van één bladzij, niet meer:
dan hoort de klas het einde, voor het eerst, deze keer.
Voor: leerkracht · Cadeau: voorleesboek · Toon: vrolijk en veilig
Voor de buren, die ons door de muur horen zingen:
De buren hoorden ons gisteravond zingen, door de muur,
“Zie ginds komt de stoomboot”, drie keer, wel een uur.
Sint vindt: zulke buren mogen best iets lekkers krijgen,
dus hier zijn pepernoten, en oordopjes, voor als wij niet zwijgen.
Voor: buren · Cadeau: pepernoten met een briefje · Toon: warm, met een knipoog
Voor oma, die elk jaar opschrijft wie wat kreeg:
Oma schrijft elk jaar op wie wat kreeg, en van wie,
haar schriftjes staan in de kast, het zijn er al drie.
Sint geeft haar een nieuw notitieboek, met een pen erbij,
en op bladzijde één staat al: dit kreeg oma van mij.
Voor: oma, opa of wie de familie bijhoudt · Cadeau: notitieboek of album · Toon: hartelijk
Eén gewoonte, één detail, één cadeau
Alle zes hierboven volgen dezelfde formule, en die kun je hergebruiken:
- Kies één gewoonte die iedereen in de kamer herkent. Eén, niet drie.
- Zet er één concreet detail bij: een plek, een tijd, een getal. “Op het aanrecht”, “al drie maanden”, “door de muur”. Het detail maakt een kort gedicht persoonlijk.
- Laat Sint het cadeau geven dat bij die gewoonte past.
Het gedicht voor mama is zo gebouwd: de gewoonte is koffie die nooit warm opgaat, het detail is de beker van zeven uur die om tien uur nog koud op het aanrecht staat, en het cadeau is een beker met deksel. Klopt het rijm niet meteen, zoek dan in de rijmwoorden sinterklaas en kies een eindwoord dat je zelf ook zou zeggen.
Wanneer is vier regels genoeg?
Vier regels past bij kleuters, die na de tweede regel al naar de zak kijken. Het past ook bij lootjes met collega’s, waar vijf mensen na elkaar voorlezen en de avond niet mag stilvallen. En bij een klein pakje onder een groot cadeau: het grote cadeau heeft al een verhaal, het gedicht erbij is een knipoog.
Kies langer als iemand het hele jaar iets deed dat meer regels waard is: de buurman die elke week jullie kliko buitenzette, de oom die bij elke verhuizing kwam sjouwen. Dan schrijf je zes tot acht regels, met twee feitjes in plaats van één. Meer dan acht wordt zelden beter.
Zonder feitje is een kort gedicht een wenskaart
Kort wordt snel algemeen. “Je bent de liefste” past bij iedereen, “je koffie staat koud op het aanrecht” maar bij één mens. Doe daarom deze test: vervang de naam door die van de buurvrouw. Klopt het gedicht dan nog steeds? Dan mist het feitje dat alleen bij jouw ontvanger hoort.
Bij vier regels is er geen ruimte voor aanloop. De gewoonte staat meteen in regel één, het detail direct erachter, en de slotregel mag kaal zijn: “nu is ook de laatste slok nog warm in je kop.”
Meer korte grappen staan bij het grappig sinterklaasgedicht, en voor een tekst die precies bij een pakje hoort kijk je bij het cadeau gedicht. Wie van nul begint, volgt de stappen van sinterklaasgedicht maken. Op de homepage staat alles over sinterklaas rijmen.
